Extra veel Bredase bomen worden gekapt door achterstand in onderhoud: ‘Niet leuk, wel nodig’

Wethouder Jeroen Bruijns met Adviseurs stedelijk groen Marie-José van den Bersselaar en Tonnie Snoeijs bij een lijsterbes met stormschade | Foto: Jan van de Lindeloof/BredaNu

In Breda staan ongeveer 109.000 bomen in de openbare ruimte. De gemeente is verantwoordelijk voor het onderhoud van deze bomen. Door een gebrek aan budget en personele inzet is er een achterstand ontstaan in de inspectie van het bomenbestand. Er is inmiddels gestart met een inhaalslag. Bij een aantal bomen heeft de gemeente direct gesnoeid, in een aantal andere gevallen was kap noodzakelijk.  

“Als je kijkt naar een stad als Breda worden er in een regulier jaar zo’n 600 tot 800 bomen gekapt. De afgelopen jaren waren dat er wat minder”, zegt wethouder Jeroen Bruijns (CDA). “Nu zijn dat er juist wat meer en ook de impact is groter omdat we door extra inspecties zien dat er meer gekapt moet worden.”  

Op het oog gezond  

Samen met Adviseurs stedelijk groen en bomen Marie-José van den Bersselaar en Tonnie Snoeijs geeft de wethouder een toelichting op het gemeentelijk plan bomen 2025-2029. De locatie is de Barnsteenstraat in Breda waar twee half afgestorven lijsterbessen gekapt zullen worden. En wellicht ook een derde, een op het oog gezond exemplaar, waar eerder in de week door rukwinden een grote tak van is afgebroken. Een mooi voorbeeld om aan te geven dat je ondanks inspecties niet altijd kunt voorzien of een boom tegen een storm bestand is, verduidelijkt Snoeijs.  

De gemeente werkt hard aan het inlopen van de achterstallige inspecties. Er is extra budget en mankracht en er zijn inmiddels zo’n 25.000 bomen geïnspecteerd. “De komende jaren hebben we de middelen om alle bomen in Breda te inspecteren en om in beeld te krijgen hoe onze bomen ervoor staan”, vertelt Van den Bersselaar. “Voorheen controleerden we 18.000 tot 20.000 bomen per jaar. Vanaf nu pakken we ieder jaar een kwart van ons bomenbestand.  

Takbreuk bij populieren  

Bij de inspecties tot nu toe bleek dus dat een flink deel van de bomen in Breda niet meer veilig is en moet worden gekapt. Eén van de oorzaken hiervoor is de verandering van het klimaat. Hoewel bomen lang kunnen leven op reserves worden ze aangetast door extreem droge zomers en natte winters. In totaal zullen er, verspreid door heel Breda, ruim 1300 bomen worden verwijderd dit jaar, een verdubbeling van een normaal jaar. “Niet leuk, wel nodig”, zegt Bruijns daarover.   

Een extra grote zorg vormen Populieren. Na de oorlog zijn deze massaal aangeplant in Nederland vanwege hun snelle groei.  Deze bomen naderen nu het einde van hun leven. De populieren ogen gezond, maar er is een verhoogd risico op takbreuk. Net als in een aantal andere grote steden vragen deze bomen om extra aandacht. Ze worden geïnspecteerd volgens het populierenprotocol. Naar verwachting worden er in 2025 en 2026 in totaal 236 populieren gekapt.  

Liefhebber, geen expert 

Bomenliefhebber Cedric Bousché heeft veel verstand van bomen, hoewel hij zichzelf geen expert wil noemen. Wat hem betreft is er wel iets af te dingen op de redeneringen van de gemeente. “Ze noemen nat en droog als oorzaak van boomsterfte maar het zit ook niet goed met de kwaliteit van het bodemwater en de lucht in Breda. En er is door toegenomen verkeer, zwaardere machines en toegenomen gebruik van de bodem sprake van een flinke achteruitgang van de bodem in Breda.” 

Ter vervanging van de gekapte bomen worden nieuwe bomen geplant, in totaal 869. Dat gebeurt zo veel mogelijk in de buurt van de verwijderde bomen, maar niet per se op precies dezelfde plaats. Het is ook mogelijk dat er gekozen wordt voor een andere boomsoort. Uitgangspunt is de juiste boom op de juiste plek. Bomen moeten geschikt zijn voor het huidige klimaat en voor de plek waar ze komen te staan. “Met deze maatregelen zetten we in op veiligheid zonder het belang van groen uit het oog te verliezen”, zegt Bruijns 

‘Esthetiek wint het van groen’ 

“Dat is uiteraard één van de grootste open deuren. Er wordt veel minder terug geplant dan gekapt”, reageert Bousché. “Eer dat die nieuwe bomen de biomassa hebben van de huidige naoorlogse bomen zijn we 75 jaar verder. Een ernstige vraag is dan ook of die bomen niet alleen het huidige maar ook het komende klimaat aankunnen. Ook lijkt het er niet op dat de gemeente kiest voor tussenoplossingen zoals het kandelaberen (heel drastisch terugsnoeien) van bomen. ‘Esthetiek’ wint het dus van groen.”