Nederland is nog onvoldoende voorbereid op de gevolgen van extreme regenval. Dat concludeert de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) in een nieuw rapport. Door klimaatverandering nemen hevige en langdurige regenbuien toe, met risico’s voor woningen, bedrijven en vitale voorzieningen. Waterschap Brabantse Delta herkent deze urgentie en roept op tot versnelling van maatregelen.
Dagelijks bestuurder Rian Govers benadrukt dat extreme regen geen toekomstprobleem meer is. “Het gebeurt al. We kunnen wateroverlast niet volledig voorkomen, maar door nú te investeren en slimme keuzes te maken kunnen we schade en risico’s beperken.” Volgens Govers werkt het waterschap hier al volop aan, samen met gemeenten en andere partners. Als voorbeeld noemt zij het project Noordrand Midden, waar een grote waterberging is aangelegd om piekbuien op te vangen.
Grenzen aan maakbaarheid vragen om andere keuzes
De OVV stelt dat er grenzen zijn aan wat technisch mogelijk is. Water en bodem moeten daarom een grotere rol spelen bij ruimtelijke keuzes, zoals woningbouw en de inrichting van het landschap. Ook is betere en snellere samenwerking tussen overheden noodzakelijk.
Waterschap Brabantse Delta zet al in op meer ruimte voor water, het versterken van dijken en kades, aanpassing van het watersysteem en samenwerking met gemeenten aan klimaatbestendige wijken. Daarnaast worden inwoners gestimuleerd om zelf bij te dragen, bijvoorbeeld door het afkoppelen van regenwater en het vergroenen van tuinen.
Volgens het waterschap is wateroverlast een gezamenlijke verantwoordelijkheid. “Het OVV-rapport laat zien dat versnelling nodig is,” aldus Govers. “Samen maken we onze regio weerbaarder tegen het veranderende klimaat.”




