Gemeente Breda en acht carnavalsstichtingen presenteren nieuw akkoord: ‘Nie mââuwen, maor sjouwen’

Wethouder Arnoud van Vliet ondertekent het carnavalsakkoord 3.0 | Foto: Jan van de Lindeloof/BredaNu

De gemeente Breda en de carnavalsstichtingen hebben maandagavond het carnavalsakkoord 3.0 ondertekend. Met het akkoord bevestigen de partijen de samenwerking en beloven ze zich in te zetten voor een grenzeloos, groen en gastvrij carnaval. 

In de gemeente Breda zijn acht carnavalsstichtingen. In de dorpen Prinsenbeek, Teteringen, Ulvenhout en Bavel wordt een eigen carnaval gevierd en dat geldt ook voor de wijken Haagse Beemden, Ginneken, Princenhage en de Bredase binnenstad. Deze stichtingen hebben een nieuw carnavalsakkoord opgesteld, een akkoord dat niet veel afwijkt van het vorige akkoord, maar waarin de intenties volgens wethouder Arnoud van Vliet (VVD) wel zijn aangescherpt. 

‘Carnaval is veranderd’ 

Het akkoord is niet bedoeld om alle stichtingen op dezelfde wijze carnaval te laten vieren. Het is vooral bedoeld om intenties uit te spreken. “Het carnaval is veranderd in de laatste tien jaar. Het vraagt om meer afstemming met elkaar”, geven de voorzitters aan. “Je kijkt hoe je met elkaar afspraken kunt maken. We zijn geen eilandjes, het carnaval gaat overal naartoe.” 

Wat alle stichtingen met elkaar delen is de voorliefde voor het traditionele carnaval. “Dit carnavalsakkoord 3.0 gaat over het traditionele carnaval en niet over het evenement carnaval”, klinkt het stellig. Dat wordt bevestigd door wethouder van Vliet: “Voor de gemeente Breda is dat de kern. Het gaat over tradities, het gaat over het gevoel, het gaat over de muziek die we draaien.” 

Vergunningsaanvragen 

Het eerste carnavalsakkoord werd vlak voor de uitbraak van corona opgesteld, waardoor de intenties niet konden worden uitgevoerd zoals ze bedoeld waren. Drie jaar geleden werd versie twee opgesteld en nu is er dus de derde editie. Door het akkoord worden er echt bruggen gebouwd, vinden de stichtingen. “Het is heel fijn dat we dat in elf punten hebben neergezet. En die gaan we ook handhaven.” 

Dankzij het carnavalsakkoord moet het makkelijker worden om het feest te organiseren. “Het akkoord laat duidelijk zien dat de gemeente carnaval serieus neemt. Er staan punten in het akkoord die bij de gemeente liggen waaraan wordt gewerkt.” Een voorbeeld is het vereenvoudigen van vergunningsaanvragen. Het aanvragen van een vergunning leidde in het verleden regelmatig tot ergernis en zal dus toegejuicht worden, niet alleen door de carnavalsstichtingen, maar ook door organisatoren van andere evenementen. 

Scherpe teksten 

De grootste uitdaging bij het opstellen van het akkoord was om de teksten scherp op papier te zetten. “De teksten in het vorige akkoord waren wat wollig. We moesten allemaal naar onze voorgangers om te vragen wat er nou precies bedoeld werd. Dat is uiteindelijk de grootste moeite geweest.”  

Of het akkoord nu voldoende houvast geeft voor de lange termijn zal de toekomst moeten leren. “Misschien moeten we in het volgende akkoord weer zaken aanscherpen. Zoals het nu staat, denk ik dat het duidelijk is.”, De andere voorzitters knikken instemmend. “Het zou ook niet goed zijn als je op de dag waarop het akkoord ondertekend wordt, zegt dat er dingen in staan die je niet oké vindt.” 

Andere uitdagingen 

Voor Stichting Kielegat was de vice-voorzitter aanwezig bij de ondertekening. De verhinderde voorzitter Rutger Westenburg reageerde later in de week telefonisch op het ondertekenen: “Dit is akkoord 3.0, dus dat laat zien dat we hier al een aantal jaar mee bezig zijn.” In het akkoord is naast de afspraken opgenomen dat er een bedrag van 25.000 euro per jaar gereserveerd wordt voor initiatieven die gerelateerd zijn aan het akkoord. “Een mooi voorbeeld is dat Prinsenbeek daar opnameapparatuur van wilde aanschaffen om de optocht uit te zenden voor ouderen en verzorgingshuizen. Kijk, dan investeer je in carnaval.” 

De stichtingen hebben goed gekeken wat ze van elkaar kunnen leren. “Je ziet wel dat de uitdagingen per stichting wel iets anders zijn. In dorpen zitten ze met iets andere uitdagingen”, vertelt Westenburg. “Wat ik echt belangrijk vind is dat iedereen carnaval moet kunnen vieren, of je nu geld hebt of niet, of je nu uit Breda komt of niet. Maar vooral mensen die dat niet kunnen omdat ze in een rolstoel zitten, of alleen zijn of in een verzorgingstehuis zitten.” 

Eerste Prinses 

“Het akkoord is geen contract en geen bonnenboekje”, zei Van Vliet aan het begin van de bijeenkomst. Het is wél een lijst van richtlijnen die een garantie moeten bieden voor een goed volksfeest in Breda. Die zijn vooral gericht op een goede samenwerking tussen de stichtingen onderling en de gemeente. Veiligheid, duurzaamheid en het toegankelijk maken van carnaval voor iedereen zijn andere punten die er uitspringen. En in het verlengde van dat laatste punt staat zwart op wit de grote vraag: Wanneer hebben we in Breda de eerste Prinses?