Beste Oosterhouters, toekomst

Deze week heb ik samen met mijn collega’s van het college van Oosterhout, heel goed over de komende jaren nagedacht en gesproken. Normaal vergaderen we digitaal, dus letterlijk op afstand. Maar deze week vonden we het echt noodzakelijk om coronaproof bij elkaar te komen. Er zijn een hoop belangrijke keuzes te maken voor inwoners en bedrijven, die het langzamerhand het naderende einde van de coronacrisis met bloed, zweet en tranen tegemoet zien. Dit wil zeggen dat de economische en sociale nasleep van deze crisis nog lang niet voorbij is en misschien nog wel jaren doorgaat. Dan is het belangrijk om elkaar in de ogen te kunnen kijken en na te denken over de komende periode waar herstel natuurlijk het uitgangspunt is.

Als je vooruit moet kijken, moet je even afstand kunnen nemen. Een bijzondere inspirerende plek kan daarbij helpen en dat hadden wij gedaan. Een plek voor mij zeer bekend en voor de anderen totaal niet. Maar het is wel een plek waar je letterlijk een heel eind van je af en dus in de letterlijke zin ver vooruit kon kijken. Je zult het niet geloven en het klinkt vreemd, het was in de ‘Burgemeester Buijsstraat’ in Herpt. De straat waar ik geboren ben.

Die burgemeester Buijs (1884-1911) was burgemeester van Herpt en Bern, twee dorpen in Noord-Brabant. Bijzonder in zijn burgemeesterschap was dat hij een deel van zijn inwoners en een dorp kwijtraakte. Gelukkig had het niets met hem te maken. Maar het feit dat de Bergsche Maas dwars door zijn gemeente werd gegraven. Leuk was dat zeker niet, want mensen raakten elkaar en hun land kwijt. Snel daarna kwam er een veerpontje dat de twee gebieden weer met elkaar verbond. Het noordelijke deel van zijn gemeente werd ingelijfd door Gelderland. Het moet voor de burgemeester zeer vervelend zijn geweest om een deel van die inwoners, die hij waarschijnlijk bijna allemaal persoonlijk kende, kwijt te raken.

Deze week was ik bij Ria van Baal langs geweest. Zij is een bekende dame in Slotjes. Ook wel door Johan Westra, voormalig directeur Thuisvester, de Barones van de Besterd genoemd. Ze had op Facebook onder mijn column laten weten dat ze zich door de coronaregels wel een beetje eenzaam voelde. Het was voor haar ingewikkeld om familie te ontmoeten en dat snap ik goed. Ik was al vaker bij Ria geweest. Dus ik dacht ik fiets er even langs met Christel, dan kunnen we aan de deur met haar een praatje maken.

Ria wist dat Christel jarig was geweest en had een lekker doosje bonbons aan Christel cadeau gegeven. Natuurlijk helemaal niet nodig, maar wel lief van Ria. Ze vertelde over haar geweldige man, die acht jaar geleden overleden was en over andere personen die ze had verloren. Ze miste ze nu nog wel een beetje meer dan anders.

Met deze twee voorbeelden in mijn hoofd heb ik ook wel het gevoel, weliswaar niet letterlijk maar toch, dat ik door dat rotvirus sommige van mijn inwoners ook een beetje kwijtraak. Ik zie u weinig en praat met veel minder mensen dan ik zou willen. Dat is natuurlijk niet te vergelijken met het verlies van Ria. Ik probeer mijn gemis dan een beetje te relativeren en woorden van Ria helpen mij daarbij. Zij vertelde mij: “Mark, zeker mis ik mijn man verschrikkelijk, maar toch ben ik blij dat mijn wieg hier heeft gestaan. Mijn leven had er totaal anders uit kunnen zien als hij ergens anders had gestaan. Je mag best mopperen om je eigen verdriet groot of klein, maar vergeet nooit je zegeningen te tellen.” Wat kan ik toevoegen aan de woorden van een vrouw, die weet waarover ze het heeft? Dank je wel Ria, voor deze mooie woorden. Ik deel ze graag met u allemaal.

Oosterhout, meer voor elkaar!

Mark Buijs, burgemeester van Oosterhout

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*


Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.